ECLI:NL:HR:2010:BO5801
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- J.C. van Oven
- W.A.M. van Schendel
- W.D.H. Asser
- C.E. Drion
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geen arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd bij opeenvolgende tijdelijke contracten in uitleenconstructie
Deze zaak betreft een arbeidsrechtelijk geschil over de vraag of tussen een werknemer en een inlener sprake is van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd door het sluiten van elkaar opvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd binnen een uitleenconstructie.
De werknemer, eiser in cassatie, stelde dat de opeenvolgende tijdelijke contracten feitelijk een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd vormden. De verweerster, Tennisvereniging Westzaan (TVW), was niet verschenen in cassatie. De feiten en eerdere uitspraken van de kantonrechter en het gerechtshof Amsterdam zijn aan het arrest gehecht.
De Hoge Raad oordeelt dat de klachten van de werknemer niet leiden tot cassatie en dat het oordeel van het hof, dat geen arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is ontstaan, standhoudt. Er is geen aanleiding tot nadere motivering omdat de klachten niet tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling noodzaken.
De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en veroordeelt de werknemer in de kosten van het geding in cassatie, die aan de zijde van TVW nihil zijn begroot. Het arrest is gewezen door de vice-president en raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 24 december 2010.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de werknemer wordt verworpen; er is geen arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd ontstaan.