ECLI:NL:HR:2008:BD3175
Hoge Raad
- Cassatie
- F.W.G.M. van Brunschot
- P.J. van Amersfoort
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- J.A.C.A. Overgaauw
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over herinvesteringsreserve en functie bedrijfsmiddel
Belanghebbende, een vennootschap die deel uitmaakt van een groep vastgoedbeheerders, had een aanslag vennootschapsbelasting opgelegd gekregen over 2001. Deze aanslag werd gehandhaafd na bezwaar en het hof verklaarde het beroep ongegrond. De kern van het geschil betrof de fiscale kwalificatie van een onroerend goed als bedrijfsmiddel of voorraad in het kader van de herinvesteringsreserve.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof onjuiste rechtsopvattingen had gehanteerd door te veronderstellen dat het object haar functie als bedrijfsmiddel had verloren door onderhandelingen en voorbereidende handelingen voor verkoop. Volgens de Hoge Raad verliest een zaak haar functie als bedrijfsmiddel pas door verkoop of daadwerkelijke aanwending als voorraad voor een nieuwe ondernemingsactiviteit.
Het arrest vernietigt de uitspraak van het hof en verwijst de zaak terug naar het Gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling van onbehandelde geschilpunten. Tevens veroordeelt de Hoge Raad de Staat tot vergoeding van de proceskosten van belanghebbende in cassatie.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling.