ECLI:NL:HR:2007:AZ0614
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest over derdenbeslag en giraal betalingsverkeer in invorderingszaak
In deze civiele zaak stond centraal of ten tijde van het executoriaal derdenbeslag een vordering van de geëxecuteerde onderneming op de derde-beslagene bestond, waarbij het ging om een bedrag dat via girale overmakingen was overgeboekt en vervolgens werd teruggestort.
De Ontvanger van de Belastingdienst had beslag gelegd op een bedrag van ruim 2 miljoen gulden dat door de Veiling namens een Poolse onderneming was overgemaakt en weer teruggestort. De rechtbank had de bank en de Veiling veroordeeld tot betaling aan de belastingdeurwaarder, maar het hof had geoordeeld dat het bedrag tijdelijk tot het vermogen van de Veiling behoorde en daarna weer uit haar vermogen was geraakt door een mededeling aan de bank.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof ten onrechte een goederenrechtelijke betekenis had toegekend aan het giraal betalingsverkeer en aan de mededeling van de Veiling, terwijl de verhouding tussen bank en rekeninghouder verbintenissenrechtelijk is. De zaak is vernietigd en verwezen naar het gerechtshof te Arnhem voor verdere behandeling en beslissing over de vraag of ten tijde van het beslag een vordering bestond.
De Hoge Raad veroordeelde de Veiling tevens in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak naar het gerechtshof te Arnhem voor verdere behandeling.