ECLI:NL:HR:2004:AL8449
Hoge Raad
- Cassatie
- W.J.M. Davids
- F.H. Koster
- G.J.M. Corstens
- J.P. Balkema
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt rechtmatigheid cameratoezicht bij graffiti en verworpen onrechtmatige bewijsgaring
In deze strafzaak werd de verdachte veroordeeld voor het medeplegen van meerdere vernielingen door het aanbrengen van graffiti op diverse eigendommen aan de Nieuwe Binnenweg te Rotterdam. Het bewijs was mede verkregen via cameratoezicht dat de politie uitoefende met vaste en beweegbare camera's, waarmee de verdachte en zijn mededaders werden gevolgd tot hun aanhouding.
De verdediging stelde dat het cameratoezicht onrechtmatig was en een inbreuk maakte op het recht op privacy, omdat het toezicht op ontoereikende wettelijke basis zou berusten en permanent zou zijn. Tevens werd betoogd dat de aanhouding niet rechtmatig was omdat er geen sprake was van heterdaad.
Het hof oordeelde dat de persoonlijke levenssfeer van de verdachte niet was aangetast omdat het toezicht plaatsvond in het openbaar en de verdachte geen situatie had waarin hij onbevangen zichzelf kon zijn. Ook vond het hof dat het cameratoezicht een legitiem doel diende en voldoende wettelijke grondslag had via het Reglement Cameratoezicht Rotterdam-Rijnmond, vastgesteld door de burgemeester. De aanhouding werd als rechtmatig beoordeeld omdat de verdachte via de camera's werd gevolgd en binnen een redelijke termijn werd aangehouden.
De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof en verwierp het cassatieberoep. Er was geen sprake van onrechtmatige bewijsgaring en het beroep werd afgewezen. De veroordeling tot een geldboete en voorwaardelijke hechtenis bleef in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling tot geldboete en voorwaardelijke hechtenis blijft in stand.