ECLI:NL:HR:2002:AE0462
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J. Zuurmond
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt niet-ontvankelijkverklaring beroep naheffingsaanslag omzetbelasting wegens termijnoverschrijding
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd over de jaren 1993 tot en met 1996. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur de aanslag en wees belanghebbende op haar recht om gehoord te worden. De hoorzitting vond plaats nadat de Inspecteur al een beslissing op bezwaar had genomen. Belanghebbende diende vervolgens een beroepschrift in bij het hof, maar het hof verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de beroepstermijn.
De Hoge Raad oordeelt dat op grond van artikel 7:2 Awb Pro belanghebbende recht heeft op een hoorzitting voordat op bezwaar wordt beslist. Omdat de Inspecteur de hoorzitting pas na zijn beslissing hield, mocht van belanghebbende niet worden verlangd dat zij vóór de hoorzitting beroep instelde. Het beroep was binnen veertien dagen na de hoorzitting ingediend, wat redelijkerwijs als tijdig moet worden beschouwd.
De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest van het hof, verklaart het verzet gegrond en gelast dat het hof de zaak alsnog inhoudelijk behandelt. Tevens wordt belanghebbende het betaalde griffierecht vergoed. Er worden geen proceskosten aan partijen opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag wordt gegrond verklaard en het hof wordt gelast de zaak alsnog in behandeling te nemen.