ECLI:NL:HR:2001:AA9247

Hoge Raad

Datum uitspraak
3 januari 2001
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
35907
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • F.W.G.M. van Brunschot
  • D.G. van Vliet
  • P. Lourens
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:75 AwbAlgemene wet inzake rijksbelastingen
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt afwijzing beroep tegen aanslag inkomstenbelasting 1992

Belanghebbende werd voor het jaar 1992 een aanslag in de inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen opgelegd op een belastbaar inkomen van 100.000 gulden. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur deze aanslag. Belanghebbende ging in beroep bij het Gerechtshof Amsterdam, dat het beroep ongegrond verklaarde en de Inspecteur bevestigde.

Tegen deze uitspraak stelde belanghebbende cassatieberoep in bij de Hoge Raad. De klacht richtte zich op het oordeel van het hof dat het bewijsaanbod van belanghebbende zonder motivering werd gepasseerd. De Hoge Raad oordeelde dat dit niet tot cassatie kon leiden, omdat het bewijsaanbod slechts bevestiging betrof van reeds erkend bewijs.

De Hoge Raad wees het beroep af en bevestigde daarmee de uitspraak van het hof. Er werden geen proceskosten opgelegd aan belanghebbende. Hiermee is de aanslag definitief vastgesteld.

Uitkomst: Het cassatieberoep is ongegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting 1992 is bevestigd.

Uitspraak

Nr. 35907
3 januari 2001
gewezen op het beroep in cassatie van X te Z tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Amsterdam van 21 december 1999, nr.97/1849, betreffende na te melden aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen.
1. Aanslag, bezwaar en geding voor het Hof
Aan belanghebbende is voor het jaar 1992 een aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd naar een belastbaar inkomen van f 100.000,--, welke aanslag, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraak van de Inspecteur is gehandhaafd.
Belanghebbende is tegen die uitspraak in beroep gekomen bij het Hof, dat het beroep ongegrond heeft verklaard en de uitspraak van de Inspecteur heeft bevestigd. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Geding in cassatie
Belanghebbende heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.
Belanghebbende heeft de zaak doen toelichten door mr. J.H. Sassen, advocaat te Arnhem.
3. Beoordeling van de klacht
De klacht houdt in dat het Hof het aanbod van belanghebbende tot het leveren van bewijs zonder motivering heeft gepasseerd.
Deze klacht kan niet tot cassatie leiden nu de gedingstukken geen andere gevolgtrekking toelaten dan dat belanghebbende slechts het aanbod heeft gedaan tot bevestiging van door belanghebbende reeds geleverd - door het Hof erkend - bewijs.
4. Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten als bedoeld in artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
5. Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep ongegrond.
Dit arrest is op 3 januari 2001 vastgesteld door de raadsheer F.W.G.M. van Brunschot als voorzitter, en de raadsheren D.G. van Vliet en P. Lourens, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier J.M. van Hooff, en op die datum in het openbaar uitgesproken.