ECLI:NL:PHR:2004:AN8656
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt naheffingsaanslag dividendbelasting wegens informele winstuitdeling en wijst beroep op verdragstarief af
De zaak betreft een geschil over een naheffingsaanslag dividendbelasting opgelegd aan X N.V. vanwege een betaling van f 3.900.000 aan E N.V., die door de Inspecteur werd aangemerkt als informele winstuitdeling aan Zwitserse aandeelhouders. De belanghebbende betwistte de kwalificatie en het toepasselijke tarief van de dividendbelasting.
Het Hof 's-Gravenhage oordeelde dat de betaling niet zakelijk was en dat sprake was van een informele uitdeling, gedekt door winstreserves, en bevestigde de naheffingsaanslag tegen het tarief van 25%. Het beroep op het belastingverdrag met Zwitserland, dat een lager tarief van 15% mogelijk maakt, werd afgewezen omdat niet tijdig een verzoek tot teruggaaf was ingediend binnen de in het verdrag gestelde termijn.
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het Hof en benadrukt dat de formele vereisten en termijn voor het indienen van een verzoek om tariefsvermindering essentieel zijn. Tevens oordeelt de Hoge Raad dat de boete wegens grove schuld terecht is opgelegd, omdat de belanghebbende lichtvaardig handelde door een onjuiste factuur te gebruiken die niet strookte met de werkelijkheid. Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De naheffingsaanslag dividendbelasting van 25% en de boete wegens grove schuld worden bevestigd; het beroep op het verdragstarief van 15% wordt afgewezen.