ECLI:NL:HR:1999:AA2715
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Van Brunschot
- Van Vliet
- Hammerstein
- Van Amersfoort
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt naheffingsaanslag bpm wegens onterechte verhoging
Belanghebbende, werkzaam in loondienst bij een Duitse werkgever, gebruikte een in Duitsland geregistreerde personenauto ook in Nederland zonder bpm-vrijstelling aan te vragen. De Inspecteur legde een naheffingsaanslag bpm op, inclusief een verhoging wegens het niet voldoen aan de vergunningplicht.
Belanghebbende betoogde dat de bpm-heffing in strijd was met het EG-Verdrag en de Richtlijn 92/12/EEG, en dat de verhoging onterecht was opgelegd. Het Hof bevestigde de naheffingsaanslag en verhoging, maar de Hoge Raad oordeelde dat het standpunt over strijdigheid met het EG-recht onvoldoende aannemelijk was gemaakt.
De Hoge Raad stelde echter vast dat de verhoging onterecht was opgelegd omdat belanghebbende niet lichtvaardig had gehandeld door het standpunt in te nemen. De naheffingsaanslag werd verminderd tot het oorspronkelijke bedrag zonder verhoging. Tevens werden proceskosten aan de zijde van belanghebbende toegewezen.
Uitkomst: De naheffingsaanslag bpm wordt verminderd tot het oorspronkelijke bedrag zonder verhoging; proceskosten worden aan belanghebbende toegewezen.