ECLI:NL:GHSHE:2000:AA7369
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag bpm ondanks bezwaar belanghebbende
Belanghebbende gebruikte op 28 januari 1998 een in het buitenland geregistreerde personenauto op de Nederlandse openbare weg zonder voorafgaande betaling van de belasting van personenauto’s en motorrijwielen (bpm) en zonder vrijstellingsbeschikking. De Inspecteur legde daarop een naheffingsaanslag bpm op, die door belanghebbende werd bestreden. Het Hof behandelde het beroep en oordeelde dat het mandaatbesluit dat de inspecteur bevoegd verklaarde tot oplegging van de aanslag rechtsgeldig was, ondanks het ontbreken van wettelijke publicatie.
Belanghebbende voerde meerdere grieven aan, waaronder onbevoegdheid van de ambtenaar, het niet kunnen aanvragen van vrijstelling na aanvang van het gebruik, strijdigheid met artikel 48 en Pro 95 van het EG-Verdrag, en onjuiste berekening van de bpm. Het Hof verwierp deze grieven, stellende dat de aanslag terecht was opgelegd en dat de heffing geen belemmering voor het vrije verkeer van werknemers binnen de EU vormde.
Het Hof benadrukte dat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat de berekening van de bpm onjuist was en dat het ontbreken van publicatie van het mandaatbesluit niet tot vernietiging van de aanslag leidde omdat belanghebbende daardoor niet in zijn belangen was geschaad. De bestreden uitspraak werd bevestigd, en het beroep van belanghebbende werd afgewezen.
Uitkomst: Het Hof bevestigt de naheffingsaanslag bpm en wijst het beroep van belanghebbende af.