ECLI:NL:HR:1998:AA2431
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Bellaart
- Van Brunschot
- Meij
- Van Vliet
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing belaste bestemmingswijzigingswinst bij verkoop woning na staking landbouwbedrijf
Belanghebbende heeft in 1993 zijn landbouwonderneming gestaakt en de boerderij met bijgebouwen en grond verkocht aan zijn zoon. De Inspecteur stelde dat hierbij belaste bestemmingswijzigingswinst was behaald over de ondergrond van de woning en het bedrijfsperceel, maar het Hof verwierp dit standpunt en verminderde de aanslag.
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het Hof dat bij verkoop van een woning die door de koper voor woondoeleinden wordt gebruikt, geen sprake is van een andere bestemming van de woning of grond die leidt tot belaste bestemmingswijzigingswinst. Dit volgt uit de parlementaire geschiedenis en eerdere arresten over de landbouwvrijstelling in de Wet op de inkomstenbelasting 1964.
Verder oordeelt de Hoge Raad dat de bewijslast voor de uitzondering op de landbouwvrijstelling bij de inspecteur ligt indien deze zich daarop beroept. Het cassatieberoep wordt verworpen en de Staatssecretaris wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de Staatssecretaris van Financiën wordt verworpen en het arrest van het Hof bevestigd.