ECLI:NL:HR:1998:AA2337
Hoge Raad
- Cassatie
- Stoffer
- Fleers
- Pos
- Beukenhorst
- Monné
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing beroep tegen aanslag inkomstenbelasting na niet-ingediende aangifte
Belanghebbende ontving voor het jaar 1990 een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen gebaseerd op een belastbaar inkomen van 500.000 gulden, vermeerderd met een verhoging wegens het niet tijdig doen van aangifte. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur de aanslag, maar het hof vernietigde de verhoging en beperkte de aanslag tot het belastbaar inkomen zonder verhoging.
Belanghebbende had in 1990 een bijstandsuitkering en was strafrechtelijk veroordeeld voor betrokkenheid bij de uitvoer van hasjiesj. Tijdens zijn voorlopige hechtenis in 1993 werd hem een aangiftebiljet uitgereikt, dat hij niet heeft ingediend. De Inspecteur legde de aanslag ambtshalve op op basis van een schatting van zijn inkomen uit de drugshandel.
Het hof oordeelde dat het beroep van belanghebbende moest worden afgewezen omdat hij de aangifteplicht niet was nagekomen, tenzij hij kon aantonen dat de aanslag onjuist was. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst het beroep in cassatie af. De Hoge Raad overweegt dat de omkering en verzwaring van de bewijslast geen strafsanctie is, maar een administratief dwangmiddel. Ook acht de Hoge Raad het oordeel van het hof dat belanghebbende niet aannemelijk heeft gemaakt dat hem geen verwijt treft, voldoende gemotiveerd en feitelijk niet toetsbaar in cassatie.
De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat de aanslag inkomstenbelasting 1990 gehandhaafd blijft zonder de verhoging.