Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
3.Geschil, alsmede standpunten en conclusies van partijen
4.Gronden
5.Beslissing
- verklaarthet hoger beroep van belanghebbende gegrond;
- verklaarthet hoger beroep van de Inspecteur gegrond;
- vernietigtde uitspraak van de Rechtbank;
- verklaartbelanghebbende niet-ontvankelijk in zijn beroep voor zover dat betreft de navorderingsaanslagen in de IB/PVV over de jaren 1993 en 1995 tot en met 2004, de navorderingsaanslagen in de VB over de jaren 1994 en 1996 tot en met 2000, alsmede de desbetreffende beschikkingen inzake heffingsrente;
- verklaarthet tegen de uitspraken van de Inspecteur met betrekking tot de boetebeschikkingen ingestelde beroep ongegrond;
- gelastdat de Inspecteur aan belanghebbende het door deze ter zake van de behandeling van het hoger beroep bij het Hof betaalde griffierecht ten bedrage van € 123 vergoedt, en
- veroordeeltde Inspecteur in de kosten van het geding bij het Hof aan de zijde van belanghebbende, vastgesteld op € 980.