ECLI:NL:GHSHE:2009:BK0984
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Den Hartog Jager
- Schaafsma-Beversluis
- Kleijngeld
- Rechtspraak.nl
Huurrechtelijke kwalificatie en toepasselijkheid van artikel 7:230a BW op onderhuurovereenkomst cultureel jongerencentrum
In deze zaak staat centraal of de onderhuurovereenkomst tussen The Talent Factory B.V. en de gemeente ’s-Hertogenbosch valt onder het huurrechtregime van artikel 7:290 BW Pro (bedrijfsruimte) of artikel 7:230a BW. De gemeente huurt bedrijfsruimte van Edison Vastgoed B.V. en verhuurt deze onder aan The Talent Factory, die een cultureel jongerencentrum exploiteert met horeca als nevenactiviteit.
The Talent Factory betoogt dat de overeenkomst moet worden gekwalificeerd als huur van bedrijfsruimte conform artikel 7:290 BW Pro, omdat horeca-activiteiten de hoofdbestemming zouden zijn. De gemeente stelt dat het gehuurde primair dient voor culturele activiteiten en dat horeca slechts een middel is om deze activiteiten te financieren.
Het hof overweegt dat partijen bij het sluiten van de overeenkomst een culturele bestemming voor ogen hadden en dat de horeca-activiteiten dienend zijn aan de culturele activiteiten. Dit blijkt uit het ondernemingsplan, de contractuele bepalingen en de feitelijke inrichting en gebruik van het gehuurde. Ook het feit dat partijen gebruik maakten van een modelcontract voor bedrijfsruimte en dat de overeenkomst afwijkt van het regime van artikel 7:290 BW Pro, ondersteunt deze kwalificatie.
Het hof bevestigt dat artikel 7:230a BW van toepassing is en dat het rechtsmiddelenverbod van lid 8 van dat artikel niet wordt doorbroken. Het beroep van The Talent Factory wordt verworpen en de proceskosten in hoger beroep worden gecompenseerd.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat artikel 7:230a BW van toepassing is en verwerpt het beroep van The Talent Factory.