ECLI:NL:GHLEE:2012:BX4518
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- J.H. Kuiper
- R.E. Weening
- M. Wolters
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuursrechtelijke handhaving windmolens ondanks bevoegdhedenovereenkomst
De zaak betreft een geschil tussen [appellant], exploitant van twee agrarische bedrijven met windturbines, en de gemeente Noordoostpolder over de plaatsing van Vestas V52 windmolens buiten het bouwblok zonder geldige bouwvergunning. De gemeente legde bestuursdwang op om de molens te verwijderen, wat door [appellant] werd bestreden in kort geding en hoger beroep.
In eerste aanleg werd de vordering van [appellant] tot verbod op verwijdering afgewezen. In hoger beroep voerde [appellant] aan dat er een bevoegdhedenovereenkomst bestond uit een afspraak van 11 mei 2009, waarin de gemeente zich zou verbinden om verplaatsing van de molens naar oude funderingen mogelijk te maken indien technisch haalbaar. Het hof erkende dat deze afspraken een gemengd privaat- en bestuursrechtelijk karakter hebben, maar oordeelde dat [appellant] deze niet bestuursrechtelijk had ingeroepen in bezwaar en beroep tegen bestuursdwang, waardoor civielrechtelijk geen verbod op verwijdering kon worden opgelegd.
Het hof bevestigde dat de bestuursrechtelijke besluiten onherroepelijk zijn en dat de burgerlijke rechter de rechtmatigheid daarvan niet kan toetsen. De aanvraag omgevingsvergunning door [appellant] voor verplaatsing vormt geen uitzondering op dit principe. De grieven van [appellant] werden verworpen en het vonnis van de voorzieningenrechter van 25 januari 2012 werd bekrachtigd. [appellant] werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering van appellant af en bevestigt dat de gemeente bestuursdwang mag toepassen voor verwijdering van de windmolens.