ECLI:NL:GHLEE:2010:BM1000
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- G.M. van der Meer
- A.C. van Leijenhorst
- M.C.M. de Kroon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag omzetbelasting en boete wegens onvoldoende kasadministratie
Belanghebbende, eigenaar van een cafetaria, kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd over het jaar 2000, samen met een vergrijpboete van 50%. De inspecteur baseerde de aanslag op een theoretische omzetberekening vanwege gebrekkige kasadministratie en het ontbreken van het interne geheugen van de kassa.
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de aanslag en boete, waarbij deels tegemoetkoming werd verleend. De rechtbank stelde de boete vast op €703 wegens overschrijding van de redelijke termijn. Het hof beoordeelde het hoger beroep en oordeelde dat de kasadministratie onvoldoende was, waardoor de naheffingsaanslag terecht was opgelegd. De theoretische omzetcorrectie was een reële benadering.
Het hof bevestigde dat belanghebbende voorwaardelijk opzet had door bewust de kans te aanvaarden dat te weinig omzetbelasting werd betaald. De boete van 50% was passend, en de vermindering wegens termijnoverschrijding was niet te laag. Het beroep tegen de naheffingsaanslag en boete werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hof bevestigt de naheffingsaanslag omzetbelasting en de boete van 50%, met een vermindering van de boete tot €703 wegens overschrijding van de redelijke termijn.