ECLI:NL:GHLEE:2010:BL9881
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Mollema
- Rowel- van der Linde
- Zuidema
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over kwalificatie arbeidsverhouding en loondoorbetaling bij fictieve werkgever
In deze zaak stond centraal de vraag of tussen [appellante] en [geïntimeerde] een arbeidsovereenkomst was ontstaan, terwijl werkzaamheden werden verricht via een fictieve werkgever op basis van het Rariteitenbesluit. De kantonrechter had de vordering van [geïntimeerde] tot loondoorbetaling toegewezen, maar [appellante] ging in hoger beroep.
Het hof stelde vast dat [geïntimeerde] een overeenkomst van opdracht had gesloten met Payroll Services, de fictieve werkgever, en dat de samenwerking via deze constructie plaatsvond. Diverse feiten, zoals het ondertekenen van formulieren waarin werd erkend dat geen arbeidsovereenkomst bestond en het voortzetten van de payroll-afspraken, wezen erop dat geen arbeidsovereenkomst was gesloten.
Het hof oordeelde dat het niet aannemelijk was dat de bodemrechter de verhouding als arbeidsovereenkomst zou kwalificeren en dat de rechtszekerheid zich verzet tegen een overgang van de payroll-constructie naar een arbeidsovereenkomst zonder duidelijke afspraken. Daarom vernietigde het hof het vonnis van de kantonrechter en wees de vorderingen van [geïntimeerde] af. Tevens werd [geïntimeerde] veroordeeld tot terugbetaling van reeds ontvangen loonbetalingen en in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering tot loondoorbetaling af en vernietigt het vonnis van de kantonrechter.