Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Vereniging van Eigenaars Flatgebouw [naam flatgebouw] aan de [adres] te [plaats],
1.De zaak in het kort
2.Procesverloop in hoger beroep
- de dagvaarding van 18 oktober 2023, waarmee Verknocht in hoger beroep is gekomen van het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Rotterdam van 19 juli 2023;
- de memorie van grieven van Verknocht, met bijlagen;
- de memorie van antwoord van de VvE, met bijlagen.
3.Feitelijke achtergrond
8.Afwijking van artikel 17 lid 1 van Pro het modelreglement.
dulden dat van de tot het privégedeelte van dit appartementsrecht behorende buitenruimte gebruik wordt gemaakt voor het aanbrengen van steigerapparatuur en dergelijke ten behoeve van het noodzakelijke gevelonderhoud.
9.Bestemming
De onroerende zaak is (…) uitgelegd in een tekening als bedoeld in artikel 109 tweede Pro lid van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek, welke tekening aan deze akte is gehecht.
4.Procedure bij de rechtbank
voorwaardelijk, namelijk onder de voorwaarde dat de kantonrechter niet al bij de mondelinge uitspraak van 30 januari 2023 een uitspraak heeft gedaan over de nietigheid of vernietigbaarheid van het stembesluit: te verklaren voor recht dat het stembesluit van 2 november 2022 nietig is; iii) dit stembesluit te vernietigen en iv) hoofdelijke kostenveroordeling, met uitzondering van Verknocht.
voorwaardelijkereconventie – indien de vordering onder I in het petitum van de dagvaarding zal worden toegewezen – heeft de VvE gevorderd: 1. veroordeling van Verknocht tot betaling van € 24.863,86 ter zake van de kosten van het hek en € 10.000,00 aan legeskosten, te vermeerderen met rente en 2. veroordeling van Verknocht tot betaling van de met een wijziging van de akte van splitsing gemoeide kosten, met veroordeling van Verknocht in de proceskosten en nakosten, te vermeerderen met rente.
in conventie– kort samengevat – overwogen dat de splitsingstekening pleit voor het standpunt van Verknocht dat de buitenruimte bij appartementsindex [1] hoort omdat hierop duidelijk te zien is dat de buitenruimte valt binnen de dikke lijnen die op de tekening de grenzen van appartementsindex [1] weergeven. De splitsingsakte pleit echter voor het standpunt van de VvE, aldus de rechtbank. In de splitsingsakte staat namelijk niet dat er een buitenruimte bij appartementsindex [1] hoort. De buitenruimte valt niet onder de bewoordingen “met toebehoren”. De buitenruimte heeft het karakter van een terras, een dak van de parkeergarage en/of een hellingbaan en deze behoren op grond van art. 9 lid 1 van Pro het splitsingsreglement tot de gemeenschappelijke delen. De splitsingsakte geeft naar het oordeel van de rechtbank de doorslag omdat de splitsingsakte meerdere aanwijzingen bevat die pleiten in het voordeel van de VvE. Daarnaast zijn de rechtsgevolgen van gemeenschappelijk eigendom van de buitenruimte aannemelijker dan de rechtsgevolgen van het privébezit daarvan. De rechtbank concludeert dat de objectieve uitleg van de splitsingsstukken meebrengt dat de buitenruimte onderdeel is van de gemeenschappelijke delen van het flatgebouw en dus behoort tot het eigendom van de gezamenlijke appartementseigenaren.
In reconventieheeft de rechtbank over de vorderingen met betrekking tot de eigen bel en brievenbus die bij het adres [adres] ontbreken overwogen dat de VvE niet heeft toegelicht wat de juridische grondslag daarvan is. De vorderingen kunnen niet worden gebaseerd op art. 38 lid 4 van Pro het splitsingsreglement. De rechtbank wijst daarom deze vorderingen af. De voorwaardelijke vorderingen (de kosten van het hek en wijziging van de splitsingsakte) heeft de rechtbank inhoudelijk niet behandeld omdat de voorwaarde waaronder deze waren ingesteld niet werd vervuld.
5.Vordering in hoger beroep
inclusief speelterrein”) ook de buitenruimte heeft geleverd. Het Modelreglement waar de VvE een beroep op doet, waarin staat dat de daken, terrassen en hellingbanen gemeenschappelijk zijn, is volgens Verknocht niet bepalend omdat het een model is, dat niet wil zeggen dat bij het opstellen daarvan overal goed bij de concrete situatie is stilgestaan. Er is nog een hellingbaan, die wel gemeenschappelijk is, te weten de hellingbaan die naast de hoofdentree ligt en die leidt naar de gemeenschappelijke parkeergarage en waarmee de VvE-leden toegang tot hun parkeerplaatsen krijgen. Geen van de leden van de VvE heeft zijn of haar appartement gekocht met het doel om ook het gebruik van de buitenruimte van Verknocht te verwerven. In de Funda advertenties van appartement 183 en 187 wordt met geen woord gerept over een gezamenlijk terras. Ten slotte doet Verknocht nog een beroep op verkrijgende verjaring dan wel bevrijdende verjaring.
6.Beoordeling in hoger beroep
Is de VvE ontvankelijk?
nietonder “met toebehoren” moet worden gebracht; ook het penthouse (appartementsindex 11) omvat alleen gebruik van de woning en parkeerbox “met toebehoren” zonder de aanwezige buitenruimte afzonderlijk te noemen. Het enkele feit dat in een omschrijving iets ontbreekt (bijvoorbeeld een buitenserre of balkon bij een appartement) betekent nog niet dat het feitelijk wel aanwezige, maar in de omschrijving ontbrekende, door anderen mag worden gebruikt, dus gemeenschappelijk is. De VvE lijkt het tegenovergestelde te betogen met haar stelling dat in afwijking van de tekening het gehele dak gemeenschappelijk is omdat “speelterrein” in de omschrijving van “kinderdagverblijf” ontbreekt. Ook hier dient door uitleg bepaald te worden wat tot het kinderdagverblijf behoort en het leidt voor het hof geen twijfel dat bij een school of kinderdagverblijf een speelterrein hoort. Het gebruik van het appartement dat volgens de splitsingsakte onder meer als kinderdagverblijf kan worden gebruikt omvat daarom ook het gebruik als speelterrein; het is een totaalvoorziening en wanneer het de bedoeling was dat een kinderdagverblijf zonder speelterrein was beoogd zou het voor de hand hebben gelegen dat dit in de akte zou staan. Verknocht heeft bovendien in dat kader onbetwist gesteld dat volgens de beleidsregels een speelruimte buiten ook een vereiste is voor een kinderdagverblijf. Notaris [notaris] , die zich destijds verantwoordelijk voelde voor de splitsingsakte en ten overstaan van wie de splitsingsakte is gepasseerd, heeft in dit verband verklaard dat de dikke zwarte omlijning allesbepalend is en dat bij een invulling met “niet wonen” het wel vaker voorkomt dat in de splitsingsakte (in woorden) niet exact wordt omschreven wat als uitsluitend gebruiksrecht wordt bestempeld. Dat komt volgens de notaris omdat de splitsingsakte in de praktijk wordt opgemaakt voordat de bouw is gestart en dat bovendien de feitelijke invulling na realisatie kan wijzigen, een opvatting die door de VvE niet is bestreden en het hof ook juist voor komt. Uit de overgelegde notariële akte van levering van 30 augustus 2001 blijkt dat destijds de bevoegdheid tot het uitsluitend gebruik van de ruimte
inclusief speelterrein(buiten) is geleverd aan het kinderdagverblijf.
“De schulden en kosten verbonden aan het schoonhouden, verlichten, onderhouden -vernieuwing daaronder begrepen- en de daarvoor benodigde energie, water, etcetera, van de entree voor de woningen, het trappenhuis, de liften, liftinstallaties en de parkeergarage komen voor rekening van de eigenaars van de appartementsrechten met indices [nummers 2] in de onderlinge verhouding als is bepaald in artikel 2 derde Pro lid”.Deze bepaling vormt naar het oordeel van het hof een aanwijzing dat de buitenruimte en hellingbaan behoren tot appartementsindex [1] omdat appartementsindex [1] uitdrukkelijk is uitgesloten van het (mee) betalen aan kosten voor de gemeenschappelijke delen betreffende toegang tot de entree tot de appartementen, het trappenhuis, de liften, etcetera. Dit wijst erop dat appartementsindex [1] geen gebruik maakt van deze gemeenschappelijk gedeelten van het appartementencomplex, hetgeen ook voor de hand ligt als, zoals hier, het kinderdagverblijf een eigen entree had via de hellingbaan, zodat alle kinderen, ouders en personeel niet via de centrale hal naar het kinderdagverblijf hoefden te gaan. Voor het kinderdagverblijf was een eigen rechtstreekse ontsluiting vereist omdat het kinderdagverblijf een voor het publiek toegankelijke ruimte was. De hellingbaan waarover partijen discussiëren geeft ook alleen toegang tot appartementsindex [1] en niet tot de andere appartementen van het appartementencomplex.
Het niet maken van een vergelijkbare bepaling in de splitsingsakte met betrekking tot appartementsindex [1] maakt naar het oordeel van het hof nog niet dat de buitenruimte op het dak van de parkeergarage gemeenschappelijk is. Het toepasselijke Modelreglement 1992 bepaalt immers wel [5] dat iedere eigenaar en gebruiker van een privé gedeelte ervoor moet zorgen dat de gemeenschappelijke gedeelten en zaken altijd goed bereikbaar zijn en dat de desbetreffende eigenaar of gebruiker, wanneer de toegang tot of het gebruik van een privé gedeelte naar het oordeel van het bestuur noodzakelijk is voor het verrichten van een handeling met betrekking tot de gemeenschappelijke gedeelten of zaken, verplicht is hiertoe zijn toestemming en medewerking te verlenen. Daarnaast geldt bij het penthouse, zoals ter zitting is gebleken, dat daar niet naast het dak kan worden gestaan zodat voor onderhoud / steigerbouw en dergelijke het privé gedeelte toegankelijk moet zijn, zodat er kennelijk aanleiding was om in een duldplicht door de eigenaar van het penthouse te voorzien. Dat dit niet voor het dak naast de speelplaats is opgenomen, is verklaarbaar omdat het dak gewoon gebruikt kan worden, namelijk dat deel van het dak dat niet in gebruik is/was als speelplaats, en dit nog afgezien van de op grond van art. 18 lid 3 van Pro het Modelreglement 1992 op de eigenaars rustende plicht tot meewerken.
“In overleg met het bestuur van de Stichting [kinderopvang] ( [kinderopvang] ) is besloten een bouwaanvraag in te dienen voor het plaatsen van een erfafscheiding, welke de op te richten kinderspeelplaats ten behoeve van voornoemde kinderopvang omsluit. (…) Er is gekozen om slechts een deel van het terrein af te zetten met dit hekwerk en wel een gedeelte aan de achterzijde van het terrein en een gedeelte aan de zijkant van het terrein, waardoor de openheid behouden blijft en er toch door de kinderen van het kinderdagverblijf in veiligheid kan worden gespeeld”.Verknocht wijst erop dat de VvE niet spreekt van een terras of gemeenschappelijke buitenplaats maar van een kinderspeelplaats ten behoeve van de kinderopvang, oftewel van een ruimte die toebehoort aan dit appartementsindex [1] . Verder beroept Verknocht zich op rechtsverwerking gezien het tijdsverloop van 15 jaar waarin de VvE hier nooit een punt van heeft gemaakt.
7.Beslissing
en opnieuw rechtdoende
- verklaart voor recht dat de buitenruimte en hellingbaan, zoals rood gearceerd in figuur twee in het inleidend verzoekschrift (zie rov. 3.10 van dit arrest), hoort bij appartementsindex [1] ;
- verklaart voor recht dat het stembesluit van 2 november 2022 nietig is;
- veroordeelt geïntimeerden hoofdelijk, met uitzondering van Verknocht, in de kosten van de procedure in eerste aanleg, aan de zijde van Verknocht begroot op € 2.101,96;
- veroordeelt geïntimeerden hoofdelijk, met uitzondering van Verknocht, in de kosten van de procedure in hoger beroep, aan de zijde van Verknocht begroot op € 3.709,34;
- bepaalt dat als geïntimeerden niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan de uitspraak heeft voldaan en dit arrest vervolgens wordt betekend, geïntimeerden de kosten van die betekening moet betalen, plus extra nakosten van € 98,00;
- verklaart dit arrest uitvoerbaar bij voorraad, voor zover het de proceskostenveroordeling betreft;
- wijst af wat meer of anders is gevorderd.