Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Uitspraak van 26 november 2024
[X] te [Z] , belanghebbende,
de inspecteur van de Belastingdienst, de Inspecteur,
Procesverloop
Feiten
Oordeel van de Rechtbank
Beoordeling van het geschil
Gerechtshof Den Haag
Belanghebbende, afkomstig uit India, heeft een jaar in België gestudeerd en is daarna naar Nederland gekomen onder de regeling 'zoekjaar afgestudeerden' om een baan te vinden. Hij werkte eerst als uitzendkracht en sloot later een arbeidsovereenkomst met een werkgever in Nederland.
De rechtbank oordeelde dat belanghebbende niet voldeed aan de voorwaarden voor de 30%-regeling, omdat hij bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst al in Nederland woonde en onvoldoende aannemelijk maakte dat hij als ingekomen werknemer kwalificeerde. Belanghebbende had zich ingeschreven in de basisregistratie personen, beschikte over een Nederlandse bankrekening en had de intentie om zich langdurig in Nederland te vestigen.
Het Gerechtshof bevestigt dit oordeel en wijst het hoger beroep af. Het hof stelt dat de 30%-regeling een begunstigende regeling is waarbij de bewijslast bij de werknemer ligt. Belanghebbende slaagde er niet in aan te tonen dat hij bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst buiten Nederland woonde en dat hij voldeed aan het 150-kilometercriterium. De afwijzing van het verzoek om toepassing van de 30%-regeling was derhalve terecht.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek om toepassing van de 30%-regeling is bevestigd.