Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Uitspraak van 19 maart 2019
[X] te [Z] , belanghebbende,
de heffingsambtenaar van de gemeente Rotterdam, de heffingsambtenaar,
Procesverloop
Vaststaande feiten
“Leidingrechten
Besluit
Afspraken tussen de Dienst Gemeentelijke Belastingen Rotterdam en N.V. [X] gevestigd te [Z] .
De Verordeningen
Geschil in hoger beroep
Standpunten en conclusies van partijen
Oordeel van de Rechtbank
“Onder vergunning wordt hierbij, alsmede in de navolgende voorwaarden, begrepen ontheffing van verbodsbepalingen en toestemming in de zin van burgerlijk recht”niet worden afgeleid dat de vergunning van 8 december 1969 moet worden uitgelegd als een overeenkomst zoals bedoeld in de laatste volzin uit rechtsoverweging 2.5.4 van het arrest van de Hoge Raad van 24 juni 2016, zoals belanghebbende betoogt. Er is dan ook geen sprake van privaatrechtelijk gedogen.
Beoordeling van het hoger beroep
allegastransportleidingen van belanghebbende in de gemeentegrond te gedogen. Aangezien dit de meest verstrekkende hogerberoepsgrond is, zal het Hof deze grond als eerste behandelen.
Proceskosten en griffierecht
Beslissing
- vernietigt de uitspraak van de Rechtbank;
- verklaart de beroepen ongegrond.