ECLI:NL:GHARN:2010:BO3607
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Ontbinding pachtovereenkomst wegens vervreemding melkquotum zonder toestemming
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of de pachtovereenkomst tussen appellant en het Waterschap ontbonden kon worden wegens vervreemding van het melkquotum zonder toestemming van de verpachter. Het hof bevestigde dat het melkquotum naar evenredigheid samenhangt met het gepachte en dat de verpachter bij beëindiging aanspraak heeft op oplevering van een evenredig deel van het quotum.
De pachter had het melkquotum verkocht zonder toestemming en dit voor het Waterschap verborgen gehouden, hetgeen een ernstig verwijt opleverde. Het hof stelde dat de pachter onvoldoende had gemotiveerd op welke wijze nakoming van de verbintenis tot oplevering van het quotum bij het einde van de pacht verzekerd was, zoals vereist onder artikel 6:80 BW Pro.
Hoewel de pachtkamer in eerste aanleg ontbinding had afgewezen, oordeelde het hof dat de tekortkoming van de pachter de ontbinding rechtvaardigt. Daarnaast gaf het hof de pachter een laatste kans om de schade die hij heeft geleden door het niet kunnen gebruiken van het gepachte nader te begroten. De zaak werd aangehouden voor verdere procedure en onderzoek door een raadsheer-commissaris.
Uitkomst: De pachtovereenkomst wordt ontbonden wegens vervreemding van het melkquotum zonder toestemming, met een opdracht aan appellant om zijn schade nader te begroten.