ECLI:NL:GHARL:2025:2441
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geldleningsovereenkomst vernietigd wegens misbruik van omstandigheden
In deze civiele zaak staat centraal of een overeenkomst van geldlening tussen appellant en geïntimeerde rechtsgeldig is. Geïntimeerde heeft een bedrag van €117.000 overgemaakt aan appellant en stelt dat hij de overeenkomst rechtsgeldig heeft vernietigd wegens misbruik van omstandigheden. Het hof heeft in een tussenarrest al voorshands bewezen geacht dat appellant misbruik heeft gemaakt van de afhankelijkheidsrelatie en lichtzinnigheid van geïntimeerde.
Appellant heeft vervolgens tegenbewijs mogen leveren, onder meer door het overleggen van e-mailcorrespondentie en KVK-uittreksels, waarin hij stelt dat geïntimeerde een zelfstandige ondernemer is zonder afhankelijkheid van appellant. Het hof oordeelt echter dat deze stukken het vermoeden van misbruik niet ontzenuwen, mede omdat appellant zijn eigen berichten grotendeels heeft weggelaten, wat in strijd is met artikel 21 Rv Pro.
Het hof bevestigt dat appellant als adviseur een zorgplicht had om geïntimeerde te beschermen tegen ongunstige overeenkomsten en dat geïntimeerde op appellant mocht vertrouwen. De rechtbankuitspraak wordt grotendeels bekrachtigd, met uitzondering van een verklaring voor recht die wordt vernietigd. Appellant wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten en het terugbetalen van het geldbedrag aan geïntimeerde.
Uitkomst: De veronderstelde geldleningsovereenkomst is vernietigd wegens misbruik van omstandigheden en appellant moet het bedrag aan geïntimeerde terugbetalen.