De toenmalige gemeente Skarsterlân kocht in 2001 percelen grond nabij een zandwinput in Oudehaske, die in 2005 aan haar werden overgedragen. Stichting De Blije Hengelaar stelde dat zij een koopoptie op deze percelen had via haar rechtsvoorgangster Stichting Het Fries Landschap en dat de gemeente onrechtmatig handelde door de percelen te kopen zonder haar recht te respecteren.
De rechtbank wees de vorderingen van de Stichting af en het hof bekrachtigt dit vonnis. Het hof oordeelt dat de Stichting niet voldoende heeft bewezen dat de koopoptie rechtsgeldig aan haar is overgedragen. De vermeende overdracht via een akte van 21 november 2003 betreft een ander perceel en bevat geen levering van het recht van koop op de percelen die de gemeente kocht.
Daarnaast was de Stichting niet bevoegd om de overdracht te voltooien vanwege het faillissement van Stichting Het Fries Landschap, waardoor de vereiste mededeling aan de schuldenaar DVJ niet kon plaatsvinden. De Stichting heeft daardoor geen belang bij beoordeling van de verjaringsgronden of onrechtmatigheid. Het hof veroordeelt de Stichting tot betaling van de proceskosten van de gemeente in hoger beroep.