Uitspraak
Van Scherpenzeel,
TTS,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Van Scherpenzeel en TTS zijn partijen in een geschil over de kwalificatie van een huurovereenkomst voor een onbemand tankstation te Swifterbant en de rechtsgeldigheid van de opzegging van deze huurovereenkomst per 1 januari 2017. Van Scherpenzeel stelt dat het gehuurde moet worden gekwalificeerd als bedrijfsruimte in de zin van artikel 7:290 BW Pro, waardoor de opzegging nietig zou zijn vanwege het niet in acht nemen van de wettelijke opzegtermijn. TTS betwist dit en stelt dat het hier gaat om verhuur van onbebouwde grond, waardoor het huurregime van artikel 7:230a BW niet van toepassing is.
Het hof oordeelt dat het gehuurde, bestaande uit ondergrondse tanks, leidingwerk, creditcardautomaat, verlichting en vloeistofdichte bestrating, niet kwalificeert als een gebouwde onroerende zaak zoals bedoeld in de artikelen 7:230a en 7:290 BW. De elementen zijn van verwaarloosbare betekenis als gebouw en het betreft geen voor mensen toegankelijke, overdekte ruimte. Hierdoor kan Van Scherpenzeel zich niet beroepen op de huurbescherming van deze artikelen.
Verder beoordeelt het hof de regeling in artikel 3 van Pro de huurovereenkomst, waarin een optierecht van Van Scherpenzeel is opgenomen. Het hof volgt de uitleg van Van Scherpenzeel dat zij door het niet opzeggen voor 1 juli 2016 geacht wordt gebruik te hebben gemaakt van haar optierecht tot verlenging tot 1 januari 2018. TTS kan dit niet weerleggen met een voldoende gemotiveerde stelling dat de opzegging onverlet blijft.
Het hof vernietigt daarom de beschikking van de kantonrechter en verklaart dat geen rechtsgeldige opzegging heeft plaatsgevonden per 1 januari 2017. TTS wordt veroordeeld in de proceskosten van beide instanties. De beschikking is gewezen door de kamer van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 9 januari 2019.
Uitkomst: De opzegging van de huurovereenkomst per 1 januari 2017 is niet rechtsgeldig en de huurovereenkomst is verlengd tot 1 januari 2018.