Uitspraak
mr. J. Schröder, kantoorhoudende te Utrecht,
mr. J. Oerlemans, kantoorhoudende te 's-Hertogenbosch,
1.[vader] ,
MIJKOIN B.V.,
STICHTING ADMINISTRATIEKANTOOR MIJKOIN,
TRICOMSTATE HOLDING B.V.,
BOBEAS B.V.,
[zoon] ,
7.DOLBECO B.V.,
mr. T. Clement, kantoorhoudende te Amsterdam,
8.i3 HOLDING B.V.,
mrs. R. Le Granden
T.F.B. Jansen, kantoorhoudende te Rotterdam.
1.De zaak in het kort
2.Het verloop van het geding
3.Feiten
4.De gronden van de beslissing
“Na een lastige periode in 2020 als gevolg van Covid-19 invloeden, zijn de marktvooruitzichten voor i3 relatief gunstig, ondanks het verliezen van de mantel met de Belastingdienst, mede vanwege de positionering van i3 op het gebied van Data Storage en Data Center Infrastructures, en de focus op de Nederlandse Healthcare sector. ”Zoals hiervoor is geoordeeld, is de waarde van de aandelen bij het geven van deze beschikking nihil.
stand-alone,
going concernen
as-isscenario (i.e. een zelfstandige voortzetting van de huidige bedrijfsactiviteiten). Bij de waardering is rekening gehouden met het bepaalde in de statuten en de AHO met betrekking tot uitkeringen die bij voorrang toekomen aan cumulatief preferente aandeelhouders en is ook de omvang van de vorderingen van de cumulatief preferente aandeelhouders op i3 Holding in aanmerking genomen. In het waarderingsrapport is vermeld dat om die reden voor de bepaling van de Economische Waarde van de door partijen gehouden belangen rekening is gehouden met preferentie van
cash flowsvan de cumulatief preferente aandelen ten opzichte van gewone aandelen en dat daarom een variant van de DCF-methode is gebruikt, zijnde de
Cash Flow to Equity-methode, die de waarde van zowel de cumulatief preferente aandelen als de gewone aandelen separaat inzichtelijk maakt. BFI schreef onder meer: “
Gezien de kern van deze casus – de mogelijke uitkering aan cumprefhouders en aandeelhouders – is ten behoeve van de waarde indicatie rekening gehouden met de restricties ten aanzien van (dividend) uitkeringen. (…). De Cash Flow to Equity Value is lager dan de nominale claim van de cumprefhouders bestaande uit een agio van EUR 4,5 mio en achterstallige betalingen ter hoogte van EUR 1,6m.” In het eerste waarderingsrapport lag de rekenkundige Economische Waarde per waarderingsdatum binnen een bandbreedte van € 2,8 miljoen en € 4,7 miljoen. Uitgaande van een
Cash Flow to Equity Valuebij een midpoint van € 3.547.000 werden de cumulatief preferente aandelen van Vanestate respectievelijk Dolbeco gewaardeerd op elk € 984.ooo. Volgens het aanvullende rapport per waarderingsdatum 31 maart 2022 lag de rekenkundige Economische Waarde op die datum binnen een bandbreedte tussen € 3,2 miljoen en € 5,1 miljoen, met een midpoint van ca. € 4 miljoen.
Data Storageen
Data Center Infrastructuresalsmede de Nederlandse
Health Care-sector werd door BFI als relatief gunstig beschouwd. In de door de directie van i3 aan BFI aangeleverde prognose werd rekening gehouden met dalende inkomsten door verlies van het contract met de Belastingdienst, maar niet met mogelijke vertraging in het herstel als gevolg van Covid. Uit een op verzoek van de OK-bestuurder opgestelde “derdenverklaring”, van 21 november 2023 ten behoeve van de Belastingdienst volgt allereerst dat waar eerder nog rekening werd gehouden met uitloopprojecten voor de Belastingdienst, deze bijna volledig zijn komen te vervallen. Verder wordt opgemerkt dat de dienstverlening in het
Health Care-segment een gestage bijdrage leverde, maar langzamer dan gedacht.
Health Care-instellingen bleken, mede na Covid-19, investeringen uit te stellen en zeer lang door te gaan met verouderde ICT-systemen. In november 2023 werd een tegenvallend resultaat voor 23/24 verwacht: de belangrijkste reden daarvoor was het achterblijven van verkooporders in het segment
Health Care. Desondanks concludeerde de derdenverklaring dat i3 levensvatbaar was en een mooie toekomst tegemoet ging: voor de jaren 24/25 tot en met 27/28 werd een positieve EBITDA verwacht. De realiteit voor i3 is echter een andere gebleken.
Health Care-markt te bedienen, vanwege omstandigheden in die specifieke markt. De door BFI opgestelde waardering heeft onvoldoende met deze (later opgetreden) feitelijke omstandigheden rekening kunnen houden. De gevolgen van deze omstandigheden voor de billijke verhoging zal de Ondernemingskamer, bij gebreke van voldoende specifieke en concrete cijfers, schattenderwijs vaststellen en wel op een derde van het bedrag waarop de cumulatief preferente aandelen per 31 maart 2021 nog werden gewaardeerd. Dat betekent dat de billijke verhoging van de prijs van de door Vanestate respectievelijk door Dolbeco gehouden aandelen zal worden vastgesteld op telkens € 656.000.