Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
Bevindingen d.d. 19-05-2014
Istek-Arar] en dhr. Mulders het betreffende object [
het object] bezocht en opgenomen. Dhr. G. Veldhuisen [
de gemachtigde van belanghebbende] heeft ons een rondleiding gegeven en er is geconstateerd dat het perceel meerdere gebruikers heeft en dient te worden afgebakend als meerdere Woz-objecten (…)
de in 2.2 genoemde taxateur]
G. Veldhuisen] van eiser [
belanghebbende]
de woning is] afsluitbaar. De garageboxen en de loods zijn ook afsluitbaar. Eiser is gebruiker. Ook in 2012 en 2013. Vanaf 1998 tot 2008 werden ze verhuurd. [mijn vader; belanghebbende] en zuster gebruikten de garageboxen.
op 18 november 2014; zie 2.4.1]. Er is tijdens die eerdere zitting, dat was de eerste zitting over 2013, een heel ander verhaal verteld. Tijdens de tweede zitting (…) waar ik niet bij was, is toen afgesproken om [
voor het jaar 2013; Hof-kenmerk 15/00633] van één object uit te gaan. (…) Geanalyseerd moet worden wie er gebruiker was op 1 januari 2012.
de in 2.2 genoemde taxateur]
in gebruik bij] De gemachtigde van eiser
in gebruik bij]Transportbedrijf [bedrijf Q] .
vond plaats] in verband met bezwaar tegen 2012.
stuk]
stuk]
stuk]
3.Geschil in hoger beroep
4.Beoordeling van het geschil
beroepsmatigrechtsbijstandverlener. De gemachtigde van belanghebbende heeft in dit verband geloofwaardig en onbetwist ter zitting bij het Hof verklaard dat hij in 2011 is begonnen als rechtsbijstandverlener met vijf of zes klanten, dat de groei rustig is verlopen en dat hij thans tussen de twintig en dertig klanten heeft. Voorts heeft het Hof vastgesteld – dat is ter zitting aan de heffingsambtenaar meegedeeld – dat de gemachtigde bekend is bij het Hof als rechtsbijstandverlener in een aantal andere hogere beroepsprocedures. Nu de heffingsambtenaar het vorenstaande niet heeft betwist, behoeft het beroepsmatige karakter van de door de gemachtigde verleende rechtsbijstand – anders dan de heffingsambtenaar heeft betoogd – naar het oordeel van het Hof geen nadere (concrete) onderbouwing met facturen en dergelijke. Het hoger beroep is in zoverre gegrond.