Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Tussen partijen vaststaande feiten
€ 29.092 29.092 1.008 59.192
€ 118.382 103.791 8.536 230.709
3.Geschil in hoger beroep
4.Het oordeel van de rechtbank
5.Beoordeling van het geschil
groveschuld. Het niet-noteren van de omrijdkilometers en het niet effectief controleren van het verbod op privégebruik van de Auto’s (zie 5.2.5), rechtvaardigen op zichzelf niet het oordeel dat belanghebbende telkens toen zij afzag van inhouding en afdracht ter zake van een voordeel in verband met de terbeschikkingstelling van de Auto’s - in het kader van de beboeting - ernstig nalatig handelde.
6.Kosten
7.Beslissing
- vernietigt de uitspraak van de rechtbank voor zover het de boeten betreft;
- verklaart de beroepen gegrond voor zover het de boeten betreft;
- vernietigt de uitspraken op bezwaar voor zover het de boeten betreft;
- vernietigt de boeten betrekking hebbende op de jaren 2009, 2010 en 2012;
- vermindert de boete voor het jaar 2011 tot een bedrag van 25% van € 2.048, zijnde € 512;
- veroordeelt de inspecteur in belanghebbendes proceskosten tot een bedrag van € 1.488, en
- gelast de inspecteur aan belanghebbende het betaalde griffierecht ad € 497 voor het hoger beroep bij het Hof te vergoeden.