Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
,
Gerechtshof Amsterdam
Belanghebbende diende een overzicht in van de verschuldigde omzetbelasting over de jaren 2001 tot en met 2003, dat door de inspecteur als bezwaar werd aangemerkt. De inspecteur verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk en nam het verzoek om ambtshalve teruggaaf niet in behandeling. De rechtbank bevestigde deze beslissingen en verklaarde het beroep deels ongegrond en deels niet-ontvankelijk.
Belanghebbende stelde hoger beroep in, maar het hogerberoepschrift werd ontvangen na het verstrijken van de zeswekentermijn, hoewel binnen een week na afloop daarvan. De kern van het geschil was of het hogerberoepschrift tijdig ter post was bezorgd, wat bepalend is voor ontvankelijkheid.
Het hof overwoog dat de datumstempel van het postvervoerbedrijf doorgaans als bewijs geldt voor terpostbezorging. De envelop droeg een stempel van 12 december 2014, na het verstrijken van de termijn op 11 december 2014. Belanghebbende kon niet aannemelijk maken dat het stuk eerder was verzonden. Daarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard en werd niet inhoudelijk op de grieven ingegaan.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening van het hogerberoepschrift.