ECLI:NL:GHAMS:2011:BP9695
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake houderschap en verstrekking duplicaten toonderaandelen Bronwaterleiding Doorn
Appellant vordert in hoger beroep vernietiging van een beschikking van de rechtbank Amsterdam die hem niet-ontvankelijk verklaarde in het verzet tegen het verlenen van duplicaten van toonderaandelen van Bronwaterleiding Doorn. De aandelen betroffen 185 toonderaandelen waarvan appellant stelt rechthebbende te zijn, maar waarvan de mantels verloren zijn gegaan.
De rechtbank oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt houder te zijn van de aandelen en dat de gemeente Utrechtse Heuvelrug en een andere aandeelhouder als belanghebbenden verzet mochten instellen. Het hof bevestigt dat het belang van deze verzetvoerders gegrond is en dat de wet een ruime uitleg geeft aan het begrip belanghebbende bij verzet tegen duplicaatverstrekking.
Verder stelt het hof vast dat appellant geen overtuigend bewijs heeft geleverd van zijn aandeelhouderschap. De administratie van appellant was onduidelijk, er ontbreken bewijsstukken van overdracht, en de aanwezigheid van twintig aandelen in een kluis van een derde tast de geloofwaardigheid van appellant aan. De stelling dat geen ander zich als rechthebbende heeft gemeld weegt onvoldoende.
Het hof bekrachtigt daarom de bestreden beschikking en verklaart appellant niet gerechtigd tot het verkrijgen van duplicaten van de toonderaandelen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking dat appellant onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt houder te zijn van de toonderaandelen en geen recht heeft op duplicaten.