ECLI:NL:GHAMS:2007:BC2328
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen naheffingsaanslag en boete wegens bijtelling privégebruik Porsche en loonheffing Poolse werknemers
Belanghebbende, een BV uit Z, kreeg een naheffingsaanslag en een vergrijpboete opgelegd wegens het niet toepassen van het anoniementarief op loonheffing van Poolse werknemers zonder verblijfsvergunning en sofinummer in de jaren 2000-2002. De inspecteur stelde dat de loonbelastingkaarten onvolledig waren en dat het anoniementarief toegepast moest worden.
Belanghebbende voerde aan dat de inspecteur met een brief en een telefonisch onderhoud in 1997 de indruk had gewekt dat het tabeltarief kon worden toegepast en dat het vertrouwensbeginsel werd geschonden door de naheffingsaanslag. De rechtbank had dit beroep ongegrond verklaard.
Het Hof oordeelde dat belanghebbende redelijkerwijs mocht vertrouwen op het standpunt van de inspecteur dat naheffing achterwege bleef, mede omdat de inspecteur jarenlang geen actie ondernam en belanghebbende de situatie gemotiveerd aan de inspecteur had voorgelegd. Het Hof vernietigde de naheffingsaanslag en boete en veroordeelde de Staat tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
De boete werd gematigd vanwege de wanverhouding tussen het bedrag en de ernst van het vergrijp. De uitspraak bevestigt het belang van het vertrouwensbeginsel en zorgvuldigheid van de Belastingdienst bij het opleggen van naheffingsaanslagen.
Uitkomst: Het Hof vernietigt de naheffingsaanslag en boete en veroordeelt de Staat in proceskosten en griffierecht.