ECLI:NL:CRVB:2025:1136
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D. Hardonk-Prins
- J.J. Janssen
- B. Serno
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag woningaanpassing wegens niet-verhuizen naar geschikte woning
Appellante diende een aanvraag in voor een maatwerkvoorziening op grond van de Wmo 2015 om haar woonwagen rolstoeltoegankelijk en -doorgankelijk te maken. Het college wees deze aanvraag af omdat appellante niet was verhuisd naar de voor haar beperkingen meest geschikte woning, zoals vereist in de gemeentelijke verordening.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en stelde dat appellante onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat er ten tijde van haar verhuizing geen geschikte woning beschikbaar was. Appellante verhuisde naar een woonwagen die niet voldeed aan het programma van eisen en zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van het college.
In hoger beroep herhaalde appellante haar eerdere gronden, maar slaagde er niet in nieuwe bewijsstukken te leveren die het oordeel van de rechtbank konden weerleggen. De Raad benadrukte dat het op de weg van appellante lag om met controleerbare gegevens aan te tonen dat geen geschikte woning beschikbaar was, wat niet is gebeurd.
Het beroep op het vertrouwensbeginsel werd verworpen omdat het college geen rechtens te honoreren verwachtingen had gewekt. De Raad bevestigde het bestreden besluit en liet de afwijzing van de woningaanpassing in stand. Appellante kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De afwijzing van de aanvraag voor woningaanpassing wordt bevestigd omdat appellante niet naar een geschikte woning is verhuisd.