ECLI:NL:CRVB:2024:1349
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering terug te komen van afwijzing Wajong-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant heeft meerdere malen een Wajong-uitkering aangevraagd, waarbij het UWV telkens heeft vastgesteld dat er geen sprake was van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden die aanleiding geven om eerdere afwijzingen te herzien. Na een afwijzing in 2016 en een daaropvolgend bezwaar dat ongegrond werd verklaard, diende appellant in 2020 opnieuw een aanvraag in met het verzoek om terug te komen op het eerdere besluit.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond omdat de aangevoerde medische stukken en andere documenten geen nieuwe feiten of omstandigheden bevatten die het eerdere besluit konden wijzigen. De Centrale Raad van Beroep onderschrijft dit oordeel en stelt vast dat de brief van het Schadefonds en de diagnose nervus trigeminus neuralgie geen nieuwe feiten vormen binnen de betekenis van artikel 4:6 Awb Pro.
De Raad concludeert dat het UWV het verzoek tot herziening terecht heeft afgewezen en dat het bestreden besluit niet evident onredelijk is. Het hoger beroep wordt verworpen, waarmee de weigering van de Wajong-uitkering in stand blijft.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van het UWV om terug te komen op het besluit van 27 september 2016 wegens ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.