ECLI:NL:CRVB:2023:994
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij jeugdhulpvoorzieningen
Appellant maakte bezwaar tegen besluiten van het college van burgemeester en wethouders van Neder-Betuwe over verstrekte jeugdhulpvoorzieningen in de vorm van persoonsgebonden budgetten (pgb) over de periode van 24 juni 2019 tot en met 30 juni 2021.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het eerste besluit niet-ontvankelijk en het beroep tegen het tweede besluit ongegrond. Appellant ging in hoger beroep en vorderde onder meer een uitbreiding van de begeleiding en een schadevergoeding wegens onvoldoende zorginkoop.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat er geen procesbelang is omdat de bestreden periode is verstreken, appellant inmiddels geïndiceerd is voor zorg op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz) en het college na de bestreden periode meer uren begeleiding heeft verstrekt. Tevens acht de Raad het onaannemelijk dat appellant schade heeft geleden.
Daarom verklaart de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk en wijst zij het verzoek om proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.