ECLI:NL:CRVB:2023:917
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens betrokkenheid bij hennepkwekerij
Appellant ontving sinds 2015 bijstand en werd in januari 2019 aangehouden bij een inval in een woning met een hennepkwekerij. Het college trok de bijstand over de periode augustus 2018 tot januari 2019 in en vorderde de kosten terug wegens niet-naleving van de inlichtingenverplichting.
Appellant voerde aan dat hij volgens een ontnemingsvonnis € 2.500,- had verdiend en dat hij vrijgesproken was over een deel van de periode, waardoor de intrekking beperkt zou moeten worden. De Raad oordeelde dat appellant geen deugdelijke administratie had overgelegd en dat het ontnemingsvonnis geen basis biedt voor het vaststellen van inkomsten. Verder is appellant niet vrijgesproken over de gehele periode waarover de bijstand is ingetrokken.
De Raad bevestigde dat de intrekking en terugvordering terecht zijn en wees het hoger beroep af. Appellant krijgt geen vergoeding van proceskosten of griffierecht terug. De uitspraak is gedaan door de Centrale Raad van Beroep op 16 mei 2023.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand wegens betrokkenheid bij een hennepkwekerij worden bevestigd en het hoger beroep wordt verworpen.