ECLI:NL:CRVB:2023:522
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WIA-uitkering en powernaps in gewijzigde Functionele Mogelijkhedenlijst
De zaak betreft het beroep van appellant tegen het besluit van het UWV van 28 februari 2022 waarbij de WIA-uitkering van appellant met ingang van 2 januari 2020 is beëindigd. Eerder had de Raad een uitspraak gedaan waarin het UWV werd opgedragen een nieuw besluit te nemen met een juiste onderbouwing van de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML).
In het bestreden besluit heeft het UWV het bezwaar van appellant gegrond verklaard en een gewijzigde FML opgesteld waarin is opgenomen dat appellant twee keer per dag gedurende 20 minuten kan slapen, los van de reguliere pauzes. De arbeidsdeskundige heeft vastgesteld dat appellant ondanks deze beperking nog passend werk kan verrichten met een arbeidsongeschiktheid van 23,33%.
Appellant stelde dat het UWV ten onrechte geen urenbeperking in de FML had opgenomen en dat de werkgever niet kan worden verplicht voorzieningen te treffen zoals een rustige ruimte voor powernaps. De Raad oordeelt dat de medische en arbeidskundige onderbouwing voldoende is, dat van een werkgever redelijkerwijs kan worden verlangd dat hij een ruimte beschikbaar stelt voor powernaps, en dat de geselecteerde functies passend zijn.
De Raad verklaart het beroep ongegrond en wijst een veroordeling in proceskosten af.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van het UWV wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.