Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
Het oordeel van de Raad
13 januari 2021, waarop betrokkene niet is verschenen. Betrokkene heeft zelf een alternatieve datum voorgesteld. Op de door appellante voorgestelde datum van 26 januari 2021 is betrokkene vervolgens wel verschenen. Zij heeft dus meegewerkt aan het startgesprek dat niet lang na de oorspronkelijk voorgestelde datum plaatsvond. Appellante heeft in de aanloop naar 26 januari 2021 geen melding gemaakt van verwijtbaar gedrag van de kant van betrokkene, bijvoorbeeld toen zij niet verscheen op 13 januari 2021. Pas op 10 februari 2021 maakte appellante melding van het niet meewerken van betrokkene, maar toen had het startgesprek van 26 januari 2021, waaraan betrokkene wel heeft deelgenomen, al plaatsgevonden. Gelet daarop was er ten tijde van de melding geen sprake van het schenden van de verplichting om mee te werken aan activiteiten die bevorderlijk zijn voor haar inschakeling in de arbeid.
Conclusie en gevolgen
(2 punten voor het indienen van de beroepschriften en 1 punt voor het verschijnen ter zitting, € 837,- per punt) en € 1.674,- in hoger beroep (1 punt voor het indienen van het hoger beroepschrift, 1 punt voor het verschijnen ter zitting), in totaal € 4.185,-.