Uitspraak
22.1974 JW-S
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- veroordeelt het college tot betaling aan verzoeker van een vergoeding van schade tot een bedrag van € 500,-;
- veroordeelt het college in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 418,50.
Centrale Raad van Beroep
Verzoeker stelde een schadevergoeding te vorderen wegens overschrijding van de redelijke termijn in een bestuursrechtelijke procedure tegen het college van burgemeester en wethouders van Utrecht. De procedure betrof een bezwaar- en beroepsprocedure die uiteindelijk leidde tot hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad beoordeelde de duur van de procedure aan de hand van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens (EVRM), artikel 6, eerste lid. De totale duur van ruim vier jaar en vijf maanden werd als een overschrijding van de redelijke termijn aangemerkt, waarbij de gehele overschrijding aan het college werd toegerekend omdat de rechterlijke behandeling binnen de gestelde termijnen bleef.
De immateriële schade werd vastgesteld op € 500,- en daarnaast werd het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker, begroot op € 418,50. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 23 augustus 2023.
Uitkomst: Het college wordt veroordeeld tot betaling van € 500,- schadevergoeding en € 418,50 proceskosten wegens overschrijding van de redelijke termijn.