Uitspraak
20 2487 WAJONG
12 juni 2020, 19/3619 (aangevallen uitspraak)
Centrale Raad van Beroep
Appellante heeft een aanvraag ingediend voor een Wajong-uitkering vanwege forse psychische problematiek die het werken onmogelijk zou maken. Het UWV heeft na medisch en arbeidskundig onderzoek de aanvraag afgewezen en de bezwaren ongegrond verklaard. De rechtbank stelde in eerdere uitspraken dat het besluit onvoldoende zorgvuldig was voorbereid en gemotiveerd, waarna het UWV een nieuw besluit nam dat opnieuw werd bestreden.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat uit de psychische problematiek niet zonder meer volgt dat appellante niet kan werken. De arbeidsdeskundige motiveerde dat appellante over basale werknemersvaardigheden beschikt en onder voorwaarden een taak kan uitvoeren.
In hoger beroep betoogt appellante dat zij geen arbeidsvermogen heeft vanwege ernstige psychosociale problemen en wisselende mogelijkheden. Het UWV handhaaft echter haar standpunt en onderbouwt dit met een nadere rapportage. De Raad volgt de rechtbank en bevestigt dat appellante op de datum in geding arbeidsvermogen had. Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellante arbeidsvermogen had en wijst het hoger beroep af.