Uitspraak
20.2316 WAJONG-T
15 mei 2020, 19/1059 (aangevallen uitspraak)
Centrale Raad van Beroep
Appellante heeft een aanvraag ingediend voor een Wajong-uitkering vanwege ernstige hoofdpijn en migraine. Het UWV wees de aanvraag af omdat het arbeidsvermogen niet duurzaam ontbrak. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, stellende dat zij ten minste vier uur per dag belastbaar is.
In hoger beroep betoogt appellante dat haar ziekteverzuim door migraine excessief zal zijn, waardoor zij niet in staat is om aaneengesloten te werken of basale werknemersvaardigheden te benutten. De Raad stelt vast dat het UWV het ziekteverzuim en de impact van dagelijkse hoofdpijn onvoldoende heeft meegewogen.
De Raad concludeert dat appellante op haar achttiende geen arbeidsvermogen had, mede vanwege het onvoorspelbare en excessieve ziekteverzuim. Het bestreden besluit berust daarom op een ontoereikende grondslag. De Raad draagt het UWV op dit gebrek te herstellen binnen zes weken, zonder nu een oordeel te geven over proceskosten of schadevergoeding.
Uitkomst: Het UWV wordt opgedragen binnen zes weken het gebrek in het besluit te herstellen door de duurzaamheid van het ontbreken van arbeidsvermogen te beoordelen.