ECLI:NL:CRVB:2021:1161
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek terugkomen op Wajong-besluit wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellante heeft een Wajong-uitkering aangevraagd die op 9 mei 2016 werd afgewezen omdat er op haar achttiende verjaardag geen sprake was van ziekte of gebrek. Na een bezwaarprocedure en een eerste beroep bij de rechtbank, die het besluit bevestigde, verzocht zij opnieuw om terug te komen op het besluit met nieuwe medische informatie over een autistische stoornis.
Het UWV wees dit verzoek af omdat er geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren die het eerdere besluit konden wijzigen. De rechtbank bevestigde dit oordeel en stelde dat niet de diagnose, maar de beperkingen rond de achttiende verjaardag bepalend zijn.
In hoger beroep heeft appellante aangevoerd dat haar autisme een aangeboren stoornis is die destijds al tot beperkingen leidde. De Raad concludeert echter dat de medische informatie over het huidige functioneren geen bewijs levert voor beperkingen rond haar achttiende jaar. De verzekeringsarts bezwaar en beroep motiveerde dat er geen aanwijzingen zijn voor arbeidsongeschiktheid in de relevante periode.
De Raad volgt de rechtbank en bevestigt dat het verzoek om terug te komen op het besluit terecht is afgewezen. Er is geen sprake van een evident onredelijk besluit. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het verzoek om terug te komen op het Wajong-besluit wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.