ECLI:NL:CRVB:2019:2677
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing herzieningsverzoek WAO-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant, voormalig medewerker in de potplantenkwekerij, viel in 1994 uit wegens longklachten en verhuisde kort daarna naar Marokko. In 2000 werd besloten dat hij geen WAO-uitkering kreeg omdat hij minder dan 15% arbeidsongeschikt was. Diverse verzoeken tot herziening zijn sindsdien afgewezen omdat er geen nieuwe feiten of omstandigheden werden aangevoerd.
In 2016 deed appellant opnieuw een verzoek tot herziening, dat door het UWV werd afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe informatie. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak.
De Raad oordeelde dat appellant geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden had aangevoerd die een herziening rechtvaardigen. Ook was een Amber-beoordeling niet van toepassing omdat de Wet Amber pas in 1995 in werking trad en het verzoek betrekking had op een eerdere datum. Het verzoek werd daarom terecht zonder nader onderzoek afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van het herzieningsverzoek wordt bevestigd.