ECLI:NL:CRVB:2018:3522
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzoek om wraking na uitspraak niet in behandeling genomen door Centrale Raad van Beroep
Verzoeker heeft na de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep op 30 oktober 2018 een verzoek om wraking van de behandelend rechter ingediend. Dit verzoek werd niet in behandeling genomen omdat de wet geen mogelijkheid biedt om wraking te verzoeken nadat een uitspraak is gedaan.
De zaak betreft een hoger beroep tegen een uitspraak van de rechtbank Limburg. Verzoeker en zijn gemachtigde waren op de hoogte van de behandelend rechter en de zittingsdatum. Een verzoek om uitstel van de zitting werd door de behandelend rechter afgewezen, waarna de uitspraak mondeling werd gedaan.
Na de uitspraak heeft verzoeker alsnog wraking gevraagd, maar de Raad oordeelde dat dit verzoek niet ontvankelijk is omdat het niet tijdig is ingediend. Hierdoor vond geen inhoudelijke beoordeling van het wrakingsverzoek plaats.
De beslissing werd genomen door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 8 november 2018 en is in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het verzoek om wraking van de behandelend rechter is niet in behandeling genomen omdat het na de uitspraak is ingediend.