ECLI:NL:CRVB:2018:224
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang en vertegenwoordiging
Betrokkene stelde hoger beroep in tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van Waalwijk dat de aanvraag voor een traplift op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 afwees. Tijdens de procedure overleed betrokkene. Haar zoon trad op als vertegenwoordiger, maar kon geen schriftelijke machtiging overleggen die hem bevoegd maakte de procedure namens de rechtverkrijgenden voort te zetten.
De Raad stelde vast dat zonder een dergelijke verklaring geen bevoegdheid bestond om namens betrokkene of haar rechtverkrijgenden op te treden. Ook werd onvoldoende onderbouwd dat de bijzondere regelingen voor militairen van toepassing waren, waardoor het beroep niet kon worden voortgezet.
De Raad concludeerde dat er geen procesbelang meer bestond bij inhoudelijke behandeling van het hoger beroep en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang en geldige vertegenwoordiging.