ECLI:NL:CRVB:2018:2022
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek terugkomen op eerdere Wajong-uitkeringsbeslissing wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellante heeft in 2011 een Wajong-uitkering aangevraagd die is afgewezen omdat zij niet voldeed aan de inkomenseis. In 2015 diende zij een nieuwe aanvraag in, opgevat als een verzoek om terug te komen op het eerdere besluit. Het UWV stelde vast dat er geen nieuwe feiten of omstandigheden waren die aanleiding gaven het eerdere besluit te herzien.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en bevestigde dat het UWV terecht het standpunt innam dat er geen nieuwe feiten of omstandigheden waren. In hoger beroep herhaalde appellante dat bij eerdere beoordelingen onvoldoende rekening was gehouden met haar psychiatrische diagnoses, maar de Raad concludeerde dat deze beperkingen reeds bekend en meegewogen waren.
De Raad oordeelde dat het UWV zorgvuldig en gemotiveerd had gehandeld en dat het besluit niet evident onredelijk was. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek om terug te komen op de eerdere Wajong-beslissing bevestigd.