ECLI:NL:CRVB:2017:2871
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Y.J. Klik
- C. van Viegen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens niet-nakoming inlichtingenverplichting
Appellant en appellante ontvingen bijstand volgens de WWB, waarbij in mei 2014 bij een doorzoeking in hun woning een contant geldbedrag van €15.645,- werd aangetroffen. Het college trok de bijstand over bepaalde periodes in en vorderde de kosten terug wegens schending van de inlichtingenverplichting.
De rechtbank verklaarde de beroepen van appellanten ongegrond, stellende dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat het geld aan zijn dochter toebehoorde en dat appellante hoofdelijk aansprakelijk was vanwege gezamenlijke huishouding. Ook werd de weigering van langdurigheidstoeslag bevestigd.
In hoger beroep onderschrijft de Raad het oordeel dat het geld tot het vermogen van appellant behoort en dat de verklaringen van appellant tegenover de Kmar bindend zijn. Het beroep op psychische gesteldheid faalt wegens gebrek aan medische onderbouwing. De Raad bevestigt dat het college de bijstand terecht heeft ingetrokken en teruggevorderd en dat appellanten geen recht hebben op langdurigheidstoeslag.
De Raad bevestigt daarmee de aangevallen uitspraak en wijst het hoger beroep af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de intrekking en terugvordering van bijstand worden bevestigd.