Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
plaats treedt van het besluit van 28 oktober 2014;
van in totaal € 168,- vergoedt.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant maakte bezwaar tegen de herziening van zijn studiefinanciering en de opgelegde boete door de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad oordeelde dat het onderzoek naar de woonsituatie van appellant mede was verricht door een controleur die niet op basis van een arbeidsovereenkomst bij het aangewezen privaat bedrijf werkte, maar als zelfstandige zonder personeel. Uit eerdere jurisprudentie volgt dat bevindingen van onderzoek door dergelijke onbevoegde controleurs als bewijs ontoelaatbaar zijn.
Omdat het bewijs onrechtmatig verkregen was, ontbrak een voldoende feitelijke grondslag voor het besluit van de minister. De Raad vernietigde daarom het bestreden besluit en herroept ook de eerdere besluiten van herziening en boeteoplegging. Tevens veroordeelde de Raad de minister in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot herziening studiefinanciering en boeteoplegging wordt vernietigd wegens ontoelaatbaar bewijs.