ECLI:NL:CRVB:2017:2260
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging maatregelen Ziektewet wegens ontbreken juridische grondslag en zorgvuldigheidsgebreken
Appellant ontving ziekengeld van het UWV terwijl werkgever eigenrisicodrager was. Het UWV legde drie opeenvolgende kortingen op wegens het niet naleven van een plan van aanpak. Maatregel 1 betrof een korting wegens het niet ondertekenen van het plan, maatregel 2 en 3 wegens het niet voldoen aan de verplichtingen uit het plan.
De Raad oordeelt dat het ondertekenen van het plan van aanpak geen constitutief vereiste is en dat maatregel 1 daarom geen juridische grondslag heeft. Maatregelen 2 en 3 zijn eveneens onrechtmatig omdat het UWV onvoldoende heeft onderzocht of de besluiten zorgvuldig zijn voorbereid en gedragen worden door feiten, en de werkgever niet in de gelegenheid is gesteld om verzuimen te herstellen.
Gelet op het ontbreken van bezwaar- en toetsingsmogelijkheden voor appellant tegen het plan van aanpak en de verstreken tijd, is herstel niet zinvol. De Raad vernietigt de besluiten en herroept de maatregelen, veroordeelt het UWV tot vergoeding van wettelijke rente en proceskosten aan appellant.
Uitkomst: De maatregelen 1, 2 en 3 zijn vernietigd en het UWV is veroordeeld tot vergoeding van wettelijke rente en proceskosten aan appellant.