ECLI:NL:CRVB:2017:2213
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Terugvordering bijstand wegens verzwegen bankrekening en matiging op grond van reparatoir karakter
Betrokkene ontving bijstand van september 2009 tot april 2011 en verzweeg een bankrekening met een saldo boven de vermogensgrens. Het college trok de bijstand in en vorderde €15.118,88 terug wegens schending van de inlichtingenplicht.
De rechtbank oordeelde dat de terugvordering gematigd moest worden omdat betrokkene aannemelijk had gemaakt dat zij over een deel van de periode recht op bijstand had, en dat brutering over 2011 onterecht was toegepast. Het college maakte hiertegen hoger beroep.
De Raad oordeelt dat de brutering over 2011 terecht was en dat de terugvordering verplicht is, maar dat het reparatoire karakter van de terugvordering meebrengt dat rekening gehouden moet worden met het feit dat betrokkene over een deel van de periode recht op bijstand had. De terugvordering wordt daarom vastgesteld op €11.942,84. De eerdere opdracht tot het nemen van een nieuw besluit wordt vernietigd en de uitspraak treedt in de plaats daarvan.
Uitkomst: De terugvordering van bijstand wordt vastgesteld op €11.942,84 met toepassing van matiging ondanks overschrijding van de vermogensgrens.