ECLI:NL:CRVB:2016:4699
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek en voorlopige voorziening in ambtenarenontslagzaak politie
Verzoekster, sinds 1991 werkzaam bij de politie, werd in 2013 buitengewoon verlof verleend met behoud van bezoldiging en de toegang tot de gebouwen ontzegd. In 2014 werd haar beoordeling vastgesteld op onvoldoende en werd zij ontslagen wegens onbekwaamheid. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit ontslag ongegrond en de Raad bevestigde dit in juli 2016.
Verzoekster stelde dat de korpschef een oneerlijke proceshouding had aangenomen en dat zij was gediscrimineerd op grond van ras, afkomst en geslacht. Zij vroeg herziening van de uitspraak van de Raad en een voorlopige voorziening om de werking van die uitspraak op te schorten.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het herzieningsverzoek niet gebaseerd was op nieuwe feiten of omstandigheden die tot een andere uitspraak konden leiden, maar slechts een discussie over de juistheid van de eerdere uitspraak betrof. Daarom werd het verzoek om herziening afgewezen. Omdat er geen aanleiding was voor een voorlopige voorziening, werd ook dat verzoek afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om herziening en het verzoek om voorlopige voorziening worden afgewezen.