ECLI:NL:CRVB:2016:4116
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om bevordering naar seniorfunctie binnen politie gehandhaafd
Appellant, sinds 1990 politieambtenaar en in het bezit van een HBO-rechten diploma, verzocht in november 2012 om bevordering naar de functie van senior [functie]. Hoewel hij uitstekende beoordelingen overlegd had, adviseerde het Unithoofd [regio] dat appellant niet voldoende geschikt was voor de seniorfunctie vanwege onvoldoende ontwikkelde eigenschappen voor teamleiding en coördinatie.
De korpschef wees het verzoek af op basis van het loopbaanbeleid en het advies van het Unithoofd. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarbij werd overwogen dat de korpschef het begrip 'verwachte geschiktheid' redelijk had ingevuld aan de hand van relevante competenties.
In hoger beroep voerde appellant aan dat zijn uitstekende beoordelingen en een e-mail van zijn leidinggevende een positieve doorstroming rechtvaardigden. De Raad oordeelde echter dat het Unithoofd en het managementteam op basis van consensus tot een gemotiveerd negatief advies waren gekomen. De werkzaamheden van appellant waren vooral gericht op vakkennisvergroting en niet op coördinatie.
De Raad concludeerde dat de afwijzing van het bevorderingsverzoek niet in strijd was met eerdere beoordelingen of de personeelsschouw. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het verzoek om bevordering naar seniorfunctie is afgewezen wegens onvoldoende verwachte geschiktheid.