ECLI:NL:CRVB:2016:3879
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toepassing kostendelersnorm bij bijstandsuitkering ondanks vergoeding voor medegebruik woning
Appellante ontvangt een aanvullende inkomensvoorziening ouderen (AIO) naast haar AOW en woont samen met haar meerderjarige zoon in één woning. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) heeft de AIO-aanvulling beëindigd vanwege toepassing van de kostendelersnorm, die de bijstandsnorm verlaagt als meerdere meerderjarige personen samenwonen.
Appellante stelde dat haar zoon op basis van een overeenkomst een vergoeding betaalt voor medegebruik van de woning, waardoor de kostendelersnorm niet van toepassing zou moeten zijn. De Raad oordeelde echter dat vanwege de bloedverwantschap in de eerste graad de uitzondering voor zakelijke huurovereenkomsten niet geldt en dat de Svb geen onderzoek hoefde te doen naar de vergoeding.
Verder wees de Raad het beroep op redelijkheid en billijkheid af omdat artikel 22a van de Participatiewet dwingendrechtelijk is en geen ruimte laat voor afwijking van de kostendelersnorm buiten de wettelijk genoemde uitzonderingen.
De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank Amsterdam, en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de toepassing van de kostendelersnorm en wijst het hoger beroep af.